Overdenk mijn leven, het gesprek, mijn
woorden ik heb altijd voor een ander geleefd. Na aanleiding wat mijn
oudste dochter gezegd had. Dat ik misschien voor het eerst in mijn
leven gelukkig was. Het is misschien niet geluk, want ik heb wel
gelukkig momenten gehad, Dat kan niet anders…….Toch is het zo, ik
ben hier niet voor mezelf, dit leven begon ik voor een ander, om een
anderen te helpen, te ondersteunen. Een lichtdrager te zijn. Ik wil
niet zwaar doen, wil niet klagen, maar mijn leven staat bol van heel
veel traumatische gebeurtenissen. Een onveilige omgeving maakte dat
ik elke dag van kinds af aan verdwaalde in mijn gedachten gevoelens.
Ik voelde me vaak vreselijk, niet de moeite waard dat ik hier was.
Een moeder waar ik van voelde dat ze last van me had, ik niet aan het
plaatje voldeed wat ze er van verwacht had. Ik droomde ervan om dood
te zijn, maar tevens was ik hier bang voor. Angsten waren constant
onderdeel van mijn bestaan. Angsten gedachten waar ik met niemand
over sprak, alles wat er gebeurde was mijn schuld! Ik probeerde te
voldoen aan wat mensen van mijn verwachte, maar alles wat ik deed leek
me bij mijn handen af te breken. Ik legde contacten met anderen want
het enige wat ik wilde was liefde, aandacht, het gevoel dat het goed
was zo als ik was. Toch vond ik deze herkenning niet, in tegendeel,
volwassenen maar ook kinderen, deden er alles aan om me kapot te
maken, tegen te werken.

Ik leefde in een onveilig omgeving,
gevangen in mijn gevoelens en gedachten, gedachten, gevoelens die
vaak zo duister waren. Ik strafte mezelf door dingen te doen die pijn
deden. Want alles lag toch immers aan mij, wanneer ik anders was
geweest dan was het niet gebeurt. Dat ik in leven bleef was omdat ik
knuffels stal, want lichamelijk contact had ik nodig om te leven.
Mijn redding was mijn fantasie wereld, hier kon ik me in terug
trekken. Ik leerde om altijd een lach op mijn gezicht te toveren,
want dat scheen de mens prettig te vinden. Dus ik lachte veel en was
luid aanwezig om de eenzaamheid en de angst van mijn af te
schreeuwen. Een knagende rat/pijn was eigenlijk constant aanwezig.
Ik was bang voor het donker, bang voor de eenzaamheid, bang om echt
alleen te zijn. Wanneer ik in mijn bedje lag durfde ik niet te
slapen, want stel dat zij mij alleen zouden laten, eindelijk hadden
beslist dat het genoeg was…….En wanneer ik eindelijk sliep
droomde ik meestal eng. Van moorden, tot de hele nacht achterna
gezeten te worden door een boze groep mensen, of monsters.

Voor het oog leek ik een vrolijk kind,
wanneer ik wist dat er na mij gekeken werd speelde ik het spel van
vrolijk, speels kind. Maar ik voelde me geen kind, ik voelde me
eigenlijk helemaal niets, geen jongen, geen meisje, zelfs geen mens.
Ik was een onbeduidend iets. En als ik zou verdwijnen zou niemand mij
missen, en vermoedelijk zouden veel mensen dan blij zijn. Ach een
gedachten gevoelens van een kind. Geheimen die ik nooit zou vertellen
verteerde me van binnen. Een druk kindje onrustig kindje, Dat zong
lachte en was altijd luid aanwezig. Toch hadden de gebeurtenissen die
ook later gebeurde invloed op mijn gedrag, rond mijn negende jaar
trilden mijn handen zo dat ik geen pen goed kon vast houden. Een
gebroken kindje die te veel gezien en ervaren had en volwassenen
nooit meer echt zou vertrouwen. Vernederd door hun. Zelfs door een
lerares eigenlijk voelde ik me nergens veilig……

Ja ik wilde moeder worden, niet om mijn
gene door te geven, maar gewoon omdat ik het gevoel had dat het
moest, dat ik hier een taak in te vervullen had. Nu pas heb ik het
gevoel dat ik voor mezelf leef, en dat komt door jou, jouw liefde
doet met beseffen dat ik belangrijk ben. Jij maakt me compleet ik
voel me niet meer alleen…….Want jij bent er.